Voorschrift op stofnaam (VOS)
Antibiotica en antimycotica
Overmacht
Therapeutisch bezwaar
Heffing van 17,8 miljoen euro
 

VOORSCHRIFT OP STOFNAAM (VOS)
Sinds 1 april 2012 is de apotheker verplicht een geneesmiddel uit de goedkoopsten af te leveren bij een voorschrift op stofnaam (VOS). Indien de patiënt alsnog een geneesmiddel wenst dat niet onder de goedkoopsten hoort, moet hij/zij de volledige prijs betalen.

 

ANTIBIOTICA EN ANTIMYCOTICA

De verplichting om voorgeschreven antibiotica en antimycotica te substitueren voor één van de goedkoopsten, is in werking getreden op 1 mei 2012.

 

Concreet kunnen er zich drie situaties voordoen wanneer de patiënt een voorschrift voor antibiotica of antimycotica aanbiedt:

  1. De arts schrijft een antibioticum of antimycoticum voor op stofnaam (VOS) :
    de regelgeving uit het eerste punt “voorschrift op stofnaam” is van toepassing.
  2. De arts schrijft een antibioticum of antimycoticum voor dat hoort onder de “goedkoopsten”:
    De apotheker levert het voorgeschreven geneesmiddal af. Hij mag het geneesmiddel substitueren (omwille van voorraad bvb) voor een ander, op voorwaarde dat deze goedkoper is. De apotheker mag niet substitueren voor een ander, duurder geneesmiddel, ook al maakt deze deel uit van de “goedkoopsten”
  3. De arts schrijft een antibioticum of antimycoticum voor dat niet onder de “goedkoopsten” hoort:
    De apotheker is verplicht te substitueren voor een geneesmiddel uit de “goedkoopsten”.

Indien de patiënt alsnog een geneesmiddel wenst dat niet onder de goedkoopsten hoort, zal de hij/zij de volledige prijs moeten betalen.

 

Indien het voorschrift een behandeling betreft (bijvoorbeeld mucoviscidose) waarvoor een machtiging  van de adviserend geneesheer van het ziekenfonds (hoofdstuk IV) vereist is, wordt deze behandeling  als chronisch beschouwd en mag de apotheker het geneesmiddel niet substitueren door een ander merk. Patiënten zullen tijdens hun behandeling dan niet worden geconfronteerd met en verandering van hun merk geneesmiddel.

 

Terbinafine zit niet in de klassen die geviseerd worden door de besparingsmaatregel die een automatische substitutie opleggen. De apotheker kan dus het voorgeschreven geneesmiddel afleveren, zonder rekening te houden met de clusters. Daarentegen is hij bij een VOS wel verplicht de goedkoopste af te leveren.

 

De term “automatische VOS” is ongelukkig gekozen want voorschriften voor antibiotica en antimycotica geven geen recht op het VOS-honorarium en mogen dus niet geflagd worden als VOS voorschrift. Indien de arts het antibioticum of antimycoticum effectief op stofnaam heeft voorgeschreven mag de apotheker uiteraard het voorschrift als VOS flaggen en het VOS honorarium innen.

 Top

OVERMACHT

Bij overmacht mag de apotheker bij wijze van uitzondering toch een duurder alternatief afleveren dat niet behoort tot de goedkoopsten. Zowel bij voorschriften op stofnaam als bij voorschriften met een antibioticum of antimycoticum kan men beroep doen op deze “overmacht”.


Wat verstaat men nu exact onder “overmacht” ?

Er is sprake van overmacht indien de aflevering van het goedkoopste geneesmiddel voor de apotheker redelijkerwijze onmogelijk is en deze onmogelijkheid niet te wijten is aan zijn schuld. Dit is het geval wanneer de omstandigheden zich buiten zijn wil hebben voorgedaan, die redelijkerwijze niet konden worden voorzien noch konden worden vermeden.

 Overmacht kan ingeroepen worden om volgende redenen:

  • Onbeschikbaarheid binnen de 12 uur van de goedkoopste geneesmiddelen bij de voor de apotheker gebruikelijke groothandelaars-verdelers en groothandelaars.
  • Dringende aflevering voor een behandeling die onmogelijk kan uitgesteld worden of waarvan het uitstel de continuïteit van de behandeling in gevaar brengt.
  • Aflevering onder omstandigheden waarbij een patiënt zich onmogelijk kan bevoorraden bij een andere apotheek in de omgeving tijdens de wachtdienst.
De onbeschikbaarheid of de hoogdringendheid moet genoteerd en geparafeerd worden op het voorschrift. De apotheker engageert zich hierbij om het goedkoopst beschikbaar alternatief af te leveren. De apotheker duidt de overmacht aan in de software door de optie “overmacht” te flaggen.

 

THERAPEUTISCH BEZWAAR

In welke gevallen gaat het dan om een “therapeutisch bezwaar”?

  • Indien de voorschrijver op het voorschrift vermeldt “niet-substitueerbaar wegens therapeutische bezwaar”. Hij kan de vermelding volledig met de hand schrijven of enkel paraferen naast de vermelding wanneer het op een elektronisch voorschrift is afgedrukt. De apotheker mag dan enkel de voorgeschreven specialiteit afleveren.
  • Indien de patient allergisch of intolerant is aan een hulpstof met erkende werking (zoals lactose of arachide-olie) vermeldt de voorschrijver “allergie voor xxx” op het voorschrift. De apotheker zal dan het geneesmiddel afleveren als het de hulpstof niet bevat. Als het voorgeschreven geneesmiddel de hulpstof bevat, moet de apotheker de voorschrijver contacteren met het voorstel om het voorschrift aan te passen.
  • Indien omwille van de specificaties van het voorschrift (bv. als bruistabletten of zakjes zijn voorgeschreven) er geen goedkoper geneesmiddel is.

Omwille van deze drie redenen, duidt de apotheker in zijn softwarepakket de optie « therapeutisch bezwaar » aan en kan hij bij wijze van uitzondering een duurder geneesmiddel in derdebetaler afleveren.

 

Opgelet : Substitutie is in alle drie gevallen niet toegelaten! M.a.w als de arts Augmentin 500 mg 16 zakjes voorschrijft mag u geen tabletten afleveren.

Top

 

HEFFING VAN 17,8 MILJOEN EURO

Ondanks de vele onderhandelingen tussen APB en de overheid, werd de programmawet gepubliceerd die de bijkomende heffing van 17,787 miljoen euro ten laste van de apothekers vastlegt.

 

De heffing

Al bij de eerste aankondiging van deze maatregel heeft APB duidelijk gesteld dat dit onaanvaardbaar was voor onze sector en we hiermee onbillijk en buiten proportie getroffen werden. We hebben steeds geweigerd om deze maatregel binnen de conventie te onderschrijven. Via een wet wordt dit ons nu eenzijdig opgelegd.

De opmerking dat met deze beslissing de kleinere apotheken extra zwaar getroffen zouden worden, is vertaald in een getrapte bijdrage die de meer kwetsbare apotheken lichter taxeert en de sterkste schouders iets meer belast.

 

Concreet?

De heffing van 17,787 miljoen euro – totaal bedrag voor heel het jaar 2012 – werd de laatste 6 maanden van het jaar geïnd. De taxatie bedroeg 0,32 € per terugbetaalde verpakking. Kleinere apotheken betaalden 0,20 €, grotere 0,38€.

De indeling van de apothekers werd berekend op basis van het totaal bedrag aan honoraria die bestaan uit een vast bedrag per aflevering, die in 2011 werden ontvangen. De indeling werd door het RIZIV elektronisch meegedeeld worden aan de tariferingsdiensten en de verzekeringsinstellingen.

 

Van 1 juli 2012 tot 31 december 2012, werden de tariferingsdiensten verplicht, als voorschot, de heffing af te houden van de honoraria die de apothekers van de verzekeringsinstellingen ontvangen. Rond maart 2013 volgt een eindafrekening—negatief of positief- waarbij rekening gehouden wordt met de correcte indeling van apotheken gebaseerd op de gegevens van de 6 laatste maanden van 2012.

Top